dinsdag 20 december 2011

Takao Tengu trail race (18km)


't Was vroeg opstaan zondagmorgen. Om 7:30 zat ik al op de trein richting Takao, Tokyo's beroemde heuvel waar de zichten op Mount Fuji absoluut adembenemend zijn. De kolossale vulkaan blijft me intrigeren. Ik denk dat ik volgend jaar eens die Mount Fuji Climbing Rally ga proberen. Het was een schitterende maar koude dag, zoals de meeste winterdagen in Japan. Ik had niet echt een specifiek doel, maar had mijn zinnen gezet op een sub 2h, aangezien de winnaar van vorig jaar 1h44' had gelopen. Een sub 2h zou me een top 20 plaats opleveren en gezien mijn beperkte trailervaring zou dat een heel mooi resultaat zijn. Ik had een snelle marathon in de benen dus mijn conditie was goed. Alleen was ik vergeten hoe verdomd zwaar trails kunnen zijn. Deze was geen uitzondering. De start verliep vlotjes en het ging licht hellend op een vrij breed bospad naar omhoog. Ik liep de eerste km in 4'30" en liep ongeveer in tiende positie. De start verliep in 2 fases (om opstopping op de single trails te vermijden) en ik zat in de tweede groep die 20 minuten later was gestart, dus als ik een top 20 plaats wilde behalen moest ik in die tragere tweede groep zeker een top 5 plaats lopen. Ik versnelde dus nog een beetje en haalde een aantal lopers in. En toen, een bocht naar rechts en een moordende eerste helling. Zo steil dat ik voort moest op handen en voeten. Er klom een loper voor me die een goed tempo onderhield en ik probeerde aan te klampen. Zwaar in het rood, hijgend, tong uit de bek moest ik hem na een kilometer laten gaan. Hij was gewoon te sterk. Ik nam wat gas terug en vreesde dat de lopers die ik zonet had ingehaald me zouden teruggrijpen, maar er was op de top van de eerste helling niemand te bespeuren achter me. Goed. Dan toch zo slecht niet. Ik liep de volgende 4km alleen en begon al snel de tragere lopers in te halen van de eerste groep. Later zou me dat inhalen me heel wat kostbare tijd kosten, vooral op de single track downhills. Het parcours was gewoon niet geschikt voor 600 lopers en aangezien ik in de tweede groep zat, moest ik me voortdurend inhouden voor de tragere lopers uit de eerste groep die ons bovendien (terecht?) uitscholden voor gekken toen we hen tegen 20km/h voorbijvlamden in de afdalingen. Bij de eerste bevoorradingspost nam ik rustig de tijd om te drinken want dat was ik vergeten bij de start. Ik werd bijgehaald door twee lopers die een ideaal tempo liepen en besloot hen te volgen. Tot kilometer 10 ging dat goed.

Toen de koploper aanzienlijk begon te vertragen (opgeblazen?), versnelde de andere. Ik ging niet geheel zonder moeite met hem mee en hij bleek de ideale haas te zijn. Telkens als we andere lopers moesten inhalen, was hij het die hen toeriep 'Sorry! We willen passeren! Dank u! Sorry!!' en het pad vrijmaakte. Kostbare energie die ik kon sparen. Ik denk dat we zeker 200 lopers zijn gepasseerd op die manier. Vooral de supertechnische afdalingen waren gevaarlijk. Hij was een heel goede daler en ik wilde kost wat kost in zijn spoor blijven en moest dus heel wat risico's nemen. Ik denk dat ik zeker 20 keer gestruikeld ben over losliggende stenen en boomwortels, maar gelukkig altijd zonder me echt te bezeren. Da's het fantastische aan trails, ze zijn niet alleen bijzonder lastig, maar geven je ook een kick. Achter iedere losliggende steen of verscholen boomwortel loert het gevaar... Vlak voor de tweede bevoorrading (aan km 13) begon mijn haas te vertragen. Ook hij was opgebrand en moest me laten gaan. Ikzelf begon ook wat te vertragen om me te sparen voor wat nog komen moest, maar ik wist niet dat de laatste 3 km bergaf was. Tot mijn verbazing hoorde ik dus aan km 15 dat het klimmen erop zat en begon aan een lange sprint bergaf. Ik vlamde de ene loper na de andere voorbij en geloofde nog in een sub 2h. Het ging nu razendsnel! Een kilometer voor het einde echter voelde ik gevaarlijke krampen opkomen. Zo van de krampen die je voet naar buiten doen slaan, waardoor je lichaam eigenlijk 'onstuurbaar' wordt...

Ik probeerde me aan 16km/u zoveel mogelijk te ontspannen en hield het gelukkig vol tot aan de finish waar ik als 29ste van 660 lopers eindigde in 2h01'35" (16de in mijn leeftijdscategorie) De winnaar liep de loodzware 18km in 1h46'. Supertijd. Twee dagen nadien ben ik stijver dan ooit. Ik voelde me stukken beter na mijn marathon vorige maand, dus dat zegt iets over de moeilijkheidsgraad van deze wedstrijd. Volgend jaar kom ik zeker terug! Nu wat rusten en dan start de voorbereiding voor mijn halve marathon in februari.

woensdag 7 december 2011

2h55'

Eindelijk dan toch. Na twee mislukte pogingen ben ik er in geslaagd die verdomde "drie-uur-muur" te breken. Vreemd genoeg kostte het me veel minder moeite dan ik had gedacht. Ik ben blijkbaar sterker geworden de voorbije jaren en door die twee jaar zonder marathons kon ik volledig herstellen van het debacle in 2009, zowel fysiek als mentaal. Bovendien had ik een betere basis voor ik aan de marathontraining begon. Een goede winter met veel kilometers in Vancouver bleek van goudwaarde te zijn. De eerste dertiger (in september) liep ik verrassend vlot aan 12,3 gemiddeld zonder noemenswaardige pijntjes. Ik wist toen al dat het goed zat. Ik bleef ook blessurevrij tijdens de trainingsperiode en werd niet ziek zoals vorige keer.

Over de race zelf nu. Ik koos voor een lange taperperiode van 3 weken deze keer en dat was de beste beslissing die ik ooit nam. De week voor de race was ik heel relaxed en liep ik amper 25km in zes dagen. De dag voor de wedstrijd ging ik bijgevolg stressvrij en volledig uitgerust slapen om me de ochtend erna na een goede nachtrust zo goed als zenuwvrij op mijn gemakske te goed te doen aan havermoutpap met pruimenconfituur. Normaal moet ik me forceren om zelfs maar een pietluttig ontbijt naar binnen te spelen, maar deze keer ging het makkelijk. Om 7u vertrokken ik en mijn vrouwke met de trein naar Tsukuba (50km ten noorden van Tokyo), een rit van 1h20min. We arriveerden daar 45min voor de start en jogden naar de startplaats (2km verder) Daar aangekomen kleedde ik me om in de struiken en schoof aan in vak A, zo dicht mogelijk bij de startlijn. Ik stond ongeveer in 200ste positie wat ideaal was. De top 300 van deze marathon loopt sneller dan 2h55' dus ik zou meteen in het goede ritme lopen. Tijdens mijn vorige marathons stond ik te ver naar achter waardoor ik de eerste kilometers veel energie verloor door tragere lopers zigzaggend in te halen. Er scheen een flauw zonnetje en het was slechts 8 graden. Ideaal marathonweer! De temperatuur zou later razendsnel oplopen tot 17 graden, maar dat deerde me niet. De 25 graden van Nagano indachtig prees ik me heel erg gelukkig en ik voelde dat het wel eens mijn dag zou kunnen worden. Bon. Het startschot. We waren goed weg (geen gedrum) en de eerste kilometer voelde het alsof ik aan 11km/h liep, zo soepel draaide het (terwijl ons werkelijke tempo 14km/h was) Het was vrij druk en ik liet me meedrijven in de slipstream van de lopers voor me. De eerste 5km kwam ik door in 20'55". Mooi op schema voor een 2h59'.

De volgende 5km waren bijna een kopie van de eerste. Ik liep de eerste 10km in 41'56" en voelde me heel goed. Ik moest me inhouden om niet sneller te gaan lopen. Heel verleidelijk, want ik werd constant ingehaald, maar ik hield nauwlettend mijn kilometertijden in de gaten en probeerde zo weinig mogelijk onder 4'10"/km te duiken. Bovendien nam ik steeds ruim de tijd om voldoende te drinken en te eten. Tijdens deze marathon boden ze vanaf kilometer 12 kleine sandwiches aan met een soort van zoete rode bonen vulsel (anko in 't Japans) en dat bleek het perfecte voedsel te zijn voor mij. Ik kon er rustig op kauwen terwijl ik liep en slikte regelmatig kleine porties in. Ze verteerden heel goed dus ik nam ze bij elke bevoorradingspost dankbaar in ontvangst. Ik heb eigenlijk bijna de ganse marathon sandwichkes gekauwd. Op de foto onderaan zie je er een paar in mijn hand.

Mijn derde 5km split was nog eens een 21' dus ik passeerde 15km in 1h03', nog steeds perfect op schema en bovendien heel fris. Ik genoot echt van het lopen en had de kans om de omgeving in mij op te nemen. De schitterende bloedrode kastanjebomen, de 10 vrijwilligers die minstens drie borden op amper 1 meter van elkaar omhoog hielden waar 'hier naar links' op stond (verkeerd lopen is onmogelijk in Japan) de zwaar hijgende lopers rond me en vooral mijn vrouw die me rond kilometer 19 een paar honderden meters vergezelde om vervolgens 'This is crazy' uit te stamelen. Ze zou het later nog eens proberen aan kilometerpaal 37.
We waren op het punt gekomen waar de race echt start: de halve marathon. Ik kwam door in 1h28'27" , een goeie minuut trager dan tijdens mijn vorige marathon in Nagano. Ik voelde me nog dik in orde, maar ik had schrik dat ik binnen een aantal kilometer het bezoek zou krijgen van onze vriend met de hamer. In Nagano was dat een serieuze hamer en ik bereidde me psychologisch al voor op hetzelfde scenario.

Ik fixeerde me op een loper met een makkelijk herkenbaar rood petje die aan een tempo liep van 4'14" en gaf mezelf het bevel hem niet te laten gaan en tot het bittere einde te blijven volgen, hoe moeilijk dat ook zou zijn. Hij zou me naar een nieuwe besttijd leiden. Dit ging allemaal heel vlotjes tot aan kilometer 25 (ik liep die 5km split in 21'03") maar toen begon hij sneller te lopen en ik besloot hem niet op de hielen te volgen maar hem langzaam te laten gaan, zonder dat hij echter buiten schot was. Ik had op dat moment immers heel veel schrik dat wanneer ik mijn tempo plots zou opdrijven, ik een serieuze slag van de hamer zou krijgen... Bovendien liep ik nu aan een gemiddelde van 14.3km/h dus ik had nog wat ruimte om wat te kunnen vertragen naar het einde toe als ik stikkapot zou zitten. Langzaam verdween hij uit mijn zicht en aan km 30 had hij al een flinke voorsprong bij elkaar gelopen. Ik kon hem amper nog zien. Ik echter bleef lopen als een metronoom en had opnieuw een 5km split van 21'02 na dertig kilometer race. En het allerbelangrijkste: ik kreeg maar geen klop. Dit gaf me zo'n mentale boost dat ik begon te versnellen (later zou ik zien dat ik al mijn kilometers sneller dan 4'10" liep vanaf kilometer 29) en de man met het rode petje kwam terug dichterbij. Aan km 35 had ik een 5km split van 20'33" en de twee bruggen op onze weg deden me geen pijn, integendeel, ze deden me nog meer versnellen, wat een kick om al die lijdende lopers voorbij te zoeven!

Aan kilometer 37 stond Aiste me gelukkig als een kind op te wachten. Later vertelde ze me dat ze de hele race lang bloednerveus was geweest omdat ze vreesde voor een herhaling van Nagano. Toen ze mijn blijkbaar nog frisse kopke zag, klaarde ze helemaal op. 'Nu mag het niet meer misgaan!' schreeuwde ze me toe en ik stak nog een tandje bij. De 5km split aan km 40 was 20'22" en ik had nog over! Ik zoefde de man met de rode pet definitief voorbij en gaf alles de laatste 2 kilometer. Ik liep de laatste kilometers aan 16-17 km/h en perste nu alles uit mijn lijf om onder de 2h56' te duiken.


Ik finishte in 2h55'42" als 320ste van 8600 mannen. Zwaar hijgend zijgde ik neer in het gras. Geen tranen, maar verbazing omdat het zo vlotjes was gegaan. Ik had me aan een heroïsch gevecht tegen mezelf verwacht, het verleggen van mijn grenzen en aftasten van m'n limieten, maar het bleek allemaal niet nodig. Perfecte voorbereiding. Perfect parcours en perfecte weersomstandigheden. Vandaag was mijn gloriedag. Plots leek marathonlopen heel erg simpel. Ik herstelde goed en had veel minder last van pijnlijke spieren vergeleken met m'n vorige marathons. Ik ben trouwens nu al terug bezig met trainen. De volgende wedstrijd is een 18km trail in 10 dagen tijd. Een toetje :-)

Misschien loop ik deze marathon volgend jaar opnieuw, maar voorlopig focus ik me op kortere afstanden. Begin 2012 wil ik mijn PB op de 10km en halve marathon verbeteren en ga ik voor een snelle 5km. sub 18 is nu al mogelijk, sub 17 is een droom. het feit dat ik nu al 3'06" loop op intervaltraining geeft me echter hoop. 2012 moet het jaar van de snelheid worden! Bovendien loopt mijn vrouw haar allereerste marathon in februari, dus nog heel wat moois in het verschiet :-)

dinsdag 29 november 2011

Terug van weggeweest!


2009 was het Jaar van de Grote Frustratie met een tweede mislukte poging om de 3h te breken op de marathon en in 2010 was het maar stillekes, ik liep amper 400km denk ik. 2011 moest dus het grote Come-back Jaar worden en dat werd het ook. Een nieuwe loopclub, supertijden op de intervaltrainingen en een nieuwe PB op de 5km na amper een paar weken snelheidstraining. Nice! Het allerbelangrijkste was echter mijn vrouwke pacen naar een sub 2 uur in haar eerste halve marathon. In een verzingende hitte liep ze 1h57'!! Volgende stap: een nieuwe marathon PB, zowel voor mij als voor haar!